Ik kan het zelf wel!

Ik stond op het punt vuur te spuwen toen ik voor de tweede controle in het UMC moest zijn. De limiet van wat mijn ego kon handelen was bereikt. Ik weigerde om plaats te nemen in één van de rolstoelen van het ziekenhuis. Ik zou de röntgenafdeling wel lopend bereiken met mijn loopkrukken. Zo ver was het niet. Dat deed ik wel even. Geen probleem. Echt waar. Toch? Over de marathon zonder training lopen gesproken…

Goed, misschien was het achteraf gezien een stuk minder vermoeiend geweest om gewoon in een rolstoel plaats te nemen. Maar je moet ergens beginnen met lopen, en ik had besloten dat begin te markeren. In een slakkentempo strompelde ik naar de röntgenafdeling, richting de polikliniek en weer terug naar de uitgang. Zo, dat had ik toch maar eventjes gedaan. Het ultieme bewijs dat ik het ‘allemaal’ zelf kon. Tijd om terug te gaan naar mijn eigen vertrouwde studentenkamer. Nog langer bij mijn ouders en niet alleen ik zou mezelf iets aan willen doen, maar mijn ouders ook. Ik wilde, ook al was het met de beste bedoelingen, niet meer betutteld worden alleen maar omdat ik ‘ziek’ was.

Even voor alle duidelijkheid, mijn studentenkamer bestaat uit een aparte slaapkamer met een woonkamertje inclusief aanrecht. Het is  wat anders als je een kleine studentenkamer van 10 tot 15 m2 hebt. In zo’n geval kan ik het niet aanraden om met je frame ‘thuis’ te gaan zitten.  Maar goed, onder het mom van: ‘ik kan het zelf wel!’ installeerden mijn ouders mij op mijn eigen bank, werd mijn koelkast gevuld en kwam een vriendin dezelfde avond nog langs met een magnetron en een maaltijd. Omdat de keuken twee verdiepingen lager lag, was ik maandenlang aangewezen op die magnetron in mijn kamer. Gelukkig kreeg ik altijd wat maaltijden van vrienden en familie, en hoefde ik maar een enkele keer terug te vallen op de standaard magnetronmaaltijden van de supermarkt.

Ik kreeg veel hulp om mezelf te kunnen redden in mijn kamer. De boodschappen werden gedaan, er werd voor me gekookt, een vriend van mij kwam regelmatig stofzuigen en helpen met het verschonen van mijn bed, en als ik ergens buitenshuis moest zijn brachten mijn vader en oom mij altijd weg met de auto. Wat dat betreft heb ik echt geluk gehad met de selecte groep mensen die mij regelmatig kwam helpen. Ik kan niet dank je wel genoeg zeggen, ook voor alle lieve kaartjes en berichtjes. De enige reden dat ik kon zeggen: ‘Ik kan het zelf wel’, was omdat ik zoveel hulp kreeg.

.

VOLG JE MIJ AL OP
TWITTER | INSTAGRAM | BLOGLOVIN | PINTEREST

.

Posted on: 18 juli 2012, by : Liselore

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Verplichte velden zijn gemarkeerd met *